10. Wanneer beoefenen?

Dus ik kan op elk moment van mijn dagelijks leven zen beoefenen.. maar toch is het moeilijk, het lijkt zo’n grote uitdaging, zo’n grote stap…

Ik denk dat het een goed idee is om stap voor stap je verschillende activiteiten te betrekken in je zenbeoefening. Begin met regelmatig in de dojo, en indien mogelijk thuis zazen doen. Dan ga je uitbreiden. Kies in het begin vooral voor eenvoudige fysieke handelingen, waarbij je niet teveel moet denken.

Misschien moet je om naar je werk te gaan elke morgen en avond een vast traject afleggen, te voet, met de fiets, met de auto of de trein… Of misschien laat je regelmatig je hond uit, of ga je boodschappen doen. Als je bij voorbeeld te voet gaat, voel dan elke stap. Voel hoe de voet loskomt van de grond, hoe het been zich vooruit beweegt, hoe de voet contact maakt met de grond, voel de druk op de voetzool… Voel het ganse lichaam stappen. Voel het ademen. Hoor de geluiden, zie wat er te zien is, wees helemaal wakker. Daar hebben we het over gehad. Wees niet uit op interessante dingen of gebeurtenissen op je traject, maar verblijf in het zien, horen, voelen. Let natuurlijk aandachtig op het verkeer- maar hier zal je merken dat de open aandacht je juist veel alerter maakt. Verblijf niet in je denken, in je herinneringen. Probeer zelf in welke mate je eerder in concentratie of open aandacht gaat – maar vergeet nooit dat het de open aandacht is waar het om draait, en dat concentratie maar zin heeft wanneer ze die open aandacht helpt terugvinden.

Een ander uiterst geschikt moment om je beoefening te integreren is huishoudelijk werk. Koken, afwassen, stofzuigen, poetsen, de was doen… allemaal perfecte gelegenheden om helemaal in het moment te zijn, je aandacht te schenken aan lichamelijke en andere gewaarwordingen.

Een klassieker is ook: eten, drinken. Tijdens sesshins eten en drinken we in stilte. We scheppen aandachtig op, wachten samen om te beginnen, kauwen en proeven aandachtig. Hetzelfde als je ’s morgens ontbijt of een kop koffie drinkt.

Dan zijn er de momenten van persoonlijk hygiëne: Je tanden poetsen, een douche nemen, naar de wc gaan.

In het begin is het goed om die activiteiten te nemen die wat “eentonig” zijn en een zekere duur hebben, zodat je “erin” kan komen; later kan je steeds meer ook kortere handelingen als zenbeoefening gaan zien.

Zelf heb ik er lang geleden een gewoonte van gemaakt om eender wanneer ik een lichtschakelaar indruk, dat aandachtig te doen. Ik plaats eerst mijn vinger erop, voel kort het contact, en druk dan met een bewuste beweging waarbij ik enkel maar de vinger beweeg, de knop in. Wanneer ik van één kamer in een andere stap, zal ik steeds met mijn linkervoet de drempel tussen de kamers overschrijden. Dat zijn voorbeelden van zeer korte momenten van aandacht, die je geest openen, zodat je ook daarna aandachtig blijft.

Wanneer ik typ op mijn computer, zal ik nooit zomaar fout getypte woorden deleten en hertypen. Ik zal altijd met een zo klein mogelijke ingreep de correctie doorvoeren, dat wil zeggen: door zo weinig mogelijk letters te wissen. De neiging is heel groot om op computer op een ongecontroleerde manier te typen, omdat de precieze aanslag van je vinger geen invloed heeft op de kwaliteit van de letter en omdat foute letters gemakkelijk kunnen verbeterd worden – zeker met de spellingscorrector. Dat leidt tot een grote slordigheid, gebrek aan aandacht, die zich niet voordoet wanneer je met een vulpen of een kalligrafiepenseel schrijft. Daarom vertrek ik van een groot respect voor de getypte letter. Misschien klinkt het raar – maar probeer het eens.

Dikwijls hebben we respect voor sommige dingen, en voor andere niet. Dat betekent dat we sommige dingen met aandacht hanteren, andere niet. Zo zullen we onze nieuwe auto met veel zorg behandelen, maar de vuilniszak die we buiten zetten niet. In zen leren we voor alles respect te hebben, alles met grote aandacht te benaderen. Dat betekent helemaal niet dat we ons verliezen in pietluttigheden, integendeel. De aandacht die we hebben voor onze omgeving, voor het milieu, is het resultaat van een open en vrije geesteshouding. Andersom is aandacht de voedingsbodem voor die open en vrije geest.

Op de duur kan je ook TV kijken insluiten in je zenbeoefening; hetzelfde geldt voor spreken met mensen; of een oplossing voor een probleem bedenken.

Het is heel belangrijk zelf creatief te zijn, en steeds meer in te zien hoe je je ganse leven zen kan beoefenen. Misschien lijkt het als je het zo hoort een geweldige opgave, maar zie het als een uitnodiging, een spel. Het is een avontuur.

Spreek er over met je leraar als je vragen hebt of twijfels. Er zijn ontelbare praktische tips die niet kunnen opgesomd worden omdat er zoveel verschillende situaties zijn, en we dikwijls zo verschillend reageren op de dingen.

Onthoud dat je altijd ademt. Je kan altijd terugkeren naar het voelen van je adem.
Onthoud dat je altijd je lichaam bij hebt. Je kan altijd terugkomen naar het voelen van je lichaam, in welke houding of handeling ook.
Wanneer je een handeling doet, of die nu herhaald is of niet: schenk aandacht aan die handeling.
Wanneer je spreekt, schenk aandacht aan het spreken.
Wanneer je samen bent met anderen, schenk aandacht: aan wat ze doen, wat ze zeggen, hoe ze zich voelen. (Over de omgang met anderen, die natuurlijk een cruciale rol speelt, zullen we het uitgebreid hebben in een volgend gesprek.)
Wanneer je alleen bent, kan je steeds aandacht schenken aan wat er is, aan wat er gebeurt: verkeer dat je ziet of hoort, geluiden of gebeurtenissen om je heen, hoe betekenisloos ze je ook voorkomen.