Een pareltje.
Johannes Ockeghem, Missa Prolationum, Sanctus
https://open.spotify.com/track/44cLklqgzKbq8fKjvVOCos?si=c193550d472149a0

Een van Ockeghems vele talenten was het vermogen om in een heel korte tijdsspanne een onbeschrijflijke weidsheid op te roepen. Dit korte Sanctus duurt amper anderhalve minuut. Het begint tweestemmig met altus en bas; dan herhalen sopraan en tenor dit materiaal terwijl de altus en bas ander materiaal zingen. Je blijft het gewoon beluisteren, eens de vonk overspringt.

Leven.
Johannes Ockeghem (° Saint-Ghislain, Henegouwen ca. 1420–1425 – 1497) was een van de belangrijkste componisten van de vijftiende eeuw en een sleutelfiguur in de ontwikkeling van de Frans-Vlaamse polyfonie.

De eerste duidelijke vermelding van Ockeghem dateert uit 1443,  toen hij als jonge zanger een klein jaar aan de Onze-Lieve-Vrouwekerk in Antwerpen werkte, de huidige kathedraal.

Van Antwerpen ging hij vermoedelijk naar Parijs; hij werkte in 1447–1448 aan het hof van Karel I van Bourbon in Moulins; trad rond 1451 in dienst van de Franse koning Karel VII. Hij zou daarna bijna zijn hele verdere leven verbonden blijven aan het Franse hof -ook onder Lodewijk XI en Karel VIII- waar hij een vooraanstaande positie had aan de koninklijke kapel.

Tegelijk bouwde Ockeghem een belangrijke kerkelijke carrière uit. Hij werd kanunnik van Saint-Martin in Tours en omstreeks 1458–1459 schatbewaarder van deze rijke en prestigieuze instelling. Tours werd daardoor een van de belangrijkste plaatsen in zijn leven. Hij reisde geregeld en onderhield contacten met andere grote musici van zijn tijd, onder wie Guillaume Dufay.

Ockeghem genoot al tijdens zijn leven een uitzonderlijke reputatie, zowel als componist als als zanger. Na zijn dood op 6 februari 1497 werd hij op zijn beurt herdacht door onder anderen Josquin des Prez, die voor hem Nymphes des bois schreef; ook Erasmus schreef een treurdicht naar aanleiding van zijn  overlijden.