Recitatie in de zentraditie.
Al vele eeuwen, waarschijnlijk meer dan duizend jaar, wordt in zentempels de Hartsoetra gereciteerd. De voorzanger geeft de toon op, de anderen volgen. Wanneer het een geroutineerde groep is, zal die waarschijnlijk op dezelfde noot reciteren, met de vrouwen een octaaf hoger dan de mannen; maar mogelijk hoor je ook andere noten. Dikwijls evolueert de groepsklank doorheen de recitatie, waarbij de toonhoogtes van de deelnemers naar elkaar toegroeien. Een melodie of eender welke intentionele verandering van toonhoogte is afwezig. En dat is ook de bedoeling.
Het ene.
Want de ene toon of samenklank waarop gereciteerd wordt, is als de ison, de statische basnoot zoals we die tegenkwamen in de bespreking van de oude christelijke muziek (zie Muziek en ontwaken III. Het Sandokai-principe). Eén klank vertelt evenmin iets als één minutenlang aangehouden (of herhaald) woord dat doet. Eén klank laat zich niet inschakelen als symbool in een web van symbolen, die samen een redenering in klanken vormen (zie Muziek en ontwaken II. Inleiding). De ene klank vertelt niets, beweert niets, hij is.
Je kan die ison, die klank, dat geluid beschouwen als iets dat buiten jou staat, en dat je hoort. Waar je je bewust van bent. Dat is de dagdagelijkse, huis-tuin-en-keukenvisie. Wanneer we ophouden door de gekleurde brillenglazen van de concepten te kijken, wordt dat onderscheid doorzien. Als je diep binnendringt in de ison, je overgeeft in het horen, zal je merken dat er geen reciteren is, geen klank, geen horen en geen luisteraar. Er is niet twee of drie of vier; geen veelheid maar ongescheidenheid. Deze ene geest, deze ware natuur zoals we het in de zen noemen, kan zich realiseren tijdens de recitatie, zoals dat ook kan op eender welk moment van je dagelijkse leven. Maar de recitatie is, zoals zazen, een van de beoefeningen die ons in het bijzonder uitnodigt om los te laten zodat het ongescheidene zich kan realiseren.
Het vele.
Die ene noot wordt echter wel gemoduleerd met de klanken van de soetra. En deze soetra, in het oud Chinees, is natuurlijk een tekst. Zo zien we hoe het reciteren van deze tekst op één noot een innige verweving realiseert van de twee visies op het bestaan, die van het ene, in het directe ervaren, en die van het vele, doorheen de concepten. Zoals in de oude christelijke muziek basnoot en melodie met tekst, ene en vele ongescheiden zijn, is dat ook het geval hier met recitatietoon en tekst.
Het feit dat vele westerse zenbeoefenaars de inhoud van de tekst wel kennen zonder deze van woord tot woord te begrijpen in het Chinees, voegt nog een extra dimensie toe. De tekst, die speciaal geschreven is om te reciteren, en niet alleen goed in de mond ligt maar ook uitstekend klinkt, wordt op dat moment zuiver klank. Hij overstijgt de talige betekenis en zo realiseert zich onmiddellijk het overstijgen van elk rationeel boeddhistisch onderricht. Deze overstijgende wijsheid is precies waar de Hartsoetra over gaat. Anders gezegd: de Hartsoetra reciteren met volledige aanwezigheid in de klank ervan is de boodschap van de Hartsoetra in de praktijk brengen en realiseren.