Dit beoefenen betekent niet dat het een techniek is die we meester moeten worden; het is vooral realiseren, bewust worden dat het inwendige benoemen en praten altijd maar voort gaat. Bewust worden hiervan, zodat een ander antwoord gegeven kan worden. Er niet tegen reageren, maar simpelweg een antwoord geven. Want door ons daarvan bewust te worden, kunnen we ook beseffen in welke mate dit ons verdeelt en hoezeer deze verdeeldheid lijden in onszelf meebrengt. En het is vanuit deze aanwezigheid, die er simpelweg is, die niet benoemt, niet uitsluit, niet tussenbeide komt, dat zich de vrede van de geest en de vreugde van het hart openbaart. Een vrede en een vreugde die niet afhankelijk zijn van dingen buiten ons, van situaties buiten ons, van gebeurtenissen buiten ons; maar een vrede en een vreugde die in zichzelf stralen, wat ook de huidige omstandigheden zijn.

Stem je dus onophoudelijk, van moment tot moment, af op een soepele verticaliteit van de rug, van de wervelkolom; op de beweging, het ritme van de ademhaling.

Stem je onophoudelijk af op de beweging, de veranderlijkheid van elk moment, in een intense vastberadenheid je nergens op te fixeren, nergens op te verblijven, niet te zijn als stilstaand water, maar als het water van een rivier die vrijuit stroomt, die alle obstakels in zich opneemt, ontvangt zonder er door veranderd te worden, in een vloeiend, fris en helder water.

Laat jezelf los, laat jezelf absorberen in het huidige moment en realiseer een frisse, heldere geest, een geest die niet vastzit in zijn gewoontepatronen, die niet gevangen zit in wat hij kent.

Zo kan de intelligentie van het hart vrij stromen, zich vrij ontplooien.

Patrick Pargnien 2024 – vertaling: Luc De Winter.