Deze tekst is een hulpmiddel
om je voorbij woorden te voeren
op het pad van bevrijding.
Hij staat niet op zichzelf,
maar veronderstelt een regelmatige zenpraktijk
onder begeleiding van een gekwalificeerd leraar.
Wanneer de tekst je intrigeert maar je geen idee hebt waar hij over gaat,
beoefen dan eerst nog een paar jaar zen en lees hem dan opnieuw.
Deze gesprekken zijn dus niet geschreven
om snel even door te nemen
vanuit een intellectuele nieuwsgierigheid
en er een paar interessante gedachten uit te halen
die je dan toevoegt aan wat je meent
te weten of te begrijpen.
Ze vragen verregaande participatie van de lezer
die uitgenodigd wordt
ze met volle aandacht te lezen en te laten inwerken.
Diep te laten inwerken.
Lees pas verder wanneer je echt voorbij de woorden
afgedaald bent in wat is.
Telkens opnieuw.
We richten ons in het eerste gesprek telkens op één woord,
als ware het het eerste woord dat we tegenkomen
wanneer we vanuit de open vlakte van de woordeloosheid
opnieuw aan de rand staan van het woud van concepten;
het woord, dat ons ook terug naar die woordeloosheid brengt,
als een wegwijzer.
De woorden kunnen,
vanuit hun klassieke definitie beschouwd,
oneigenlijk gebruikt worden.
Blijf niet steken op de algemeen aanvaarde betekenis ervan.
De langere stukken tekst en dialogen
werken op een tweede plan, bieden achtergrond, nuttige uitweiding.
Ze sturen je terug naar het ene woord waar we op dat moment mee werken
en dat ene woord voert je tot de woordeloosheid.
In het tweede gesprek
wordt er verdergegaan op de wegwijzers
die aangeboden werden in het eerste gesprek.
Je zal merken dat er behoorlijk wat herhaald wordt.
Het denken zegt “dat heb je al gezegd, dat weet ik al.”
Maar het gaat niet om weten.
Dat wat voorafgaat aan elk weten ergert zich niet aan herhaling,
maar beleeft die als een vieren van wat is,
als een gelegenheid tot verdieping
en tot een hernieuwde intimiteit
met zichzelf.
Luc De Winter, 21 juli 2026